dinsdag 23 juni 2026

De pyjamafuutjes zitten veilig bij de ouders op de rug

Hoewel de jonge fuutjes al meteen uitstekend kunnen zwemmen, zitten jonge futen - ook wel pyjamafuutjes genoemd - vaak op de rug van hun ouders om warm te blijven en om veilig te schuilen voor roofdieren. Vanuit de lucht dreigt gevaar van reigers en meeuwen. Op het water zijn ze ook beschermd tegen vissen, zoals karpers. Ze zijn herkenbaar aan hun opvallende zwart-wit gestreepte kop en rode snaveltjes. De jonge kuikentjes klimmen eerst op de rug van de ouder, om onder de vleugel door omhoog te klimmen. Dit gedrag is een iconisch fenomeen in de Nederlandse natuur.


De pyjamafuutjes zitten veilig bij de ouders op de rug🎤

Omdat de fuut maar drie of vier eieren legt, zijn ze dus extra zuinig op hun kuikens. Een groot verschil met de wilde eend. Die begint vaak met zo’n twaalf jongen, een aantal dat zo hoog is omdat er veel van verloren gaan. Vaak worden er ook maar één of twee van die eendjes volwassen.

Ouders voeren de kleintjes direct vanaf de rug, waardoor ze veilig eten krijgen. Ouders voeren zelfs hun eigen veren aan de jongen, zodat er een soort beschermend kussentje in de maag ontstaat tegen scherpe visgraten. Zelfs als de oudervogel onder water duikt om vis te vangen, blijven de kleintjes stevig op de rug zitten.

De meeste futen broeden van mei tot in juni, met gemiddeld 3 tot 4 eieren. Meestal doen ze maar één broedsel. Ze bouwen een drijvend nest, die aan de oeverbegroeiing of een tak gefixeerd zijn. De jongen worden na het verlaten van het nest nog zo'n 10 tot 11 weken door de ouders gevoerd.